“We hebben er duidelijke afspraken over gemaakt.” Ik kan niet meer tellen hoe vaak verpleegkundigen me dit gezegd hebben, meestal als ik me blijkbaar niet aan één van die afspraken houd. Negentig procent van de tijd gaat het echter niet om afspraken met mij, en duidelijk zijn ze al helemaal niet.
De eerste keer dat ik me herinner dat een verpleegkundige aankondigde dat er duidelijke afspraken zouden worden gemaakt, bleek dat de volgende dag mijn behandelaar het time-outbeleid had ingesteld. Ze deelde het me mede, maar leek niet van plan naar mijn mening te luisteren. Daarnaast is er nooit afgesproken of vastgelegd – tenminste niet dat ik weet – welk gedrag wanneer aanleiding vormde tot afzondering. Met mij was hier best over te praten geweest, maar dat is niet gebeurd. Ik heb uiteindelijk toestemming gegeven voor de maatregel, maar mijn opmerking dat het met duidelijke afspraken wel kon, is geïnterpreteerd als dat ik het een goede stok achter de deur vond. “Om de groep te ontlasten en haar de verantwoordelijkheid voor haar gedrag terug te geven,” is het doel dat in mijn behandelplan (dat van 24 januari, toen ik nog geen toestemming gegeven had) stond. Als ik in die tijd naar concrete afspraken vroeg, kreeg ik een vaag antwoord à la: “Nou ja, als je bijvoorbeeld schreeuwt of met de deur smijt, je kent dat gedrag wel.” Is het vreemd dat ik, toen ik twee weken nadat de maatregel was ingesteld, een keer schreeuwde, vreesde linea recta de time-out in gestuurd te worden?
Maar het gaat niet alleen om middelen en maatregelen, waarover overigens officieel duidelijke afspraken moeten zijn opgenomen in het behandelplan – maarja, we hadden al gezien dat mijn afdeling het niet zo nauw neemt met de regels rond M&M. Als er afspraken moeten worden gemaakt over mijn gedrag, wordt daarbij zelden naar mij geluisterd, en de eenzijdige mededeling is bovendien vaak erg vaag. Zo kwam ik een paar dagen geleden bij het verpleegkundig kantoor. Ik weet niet meer precies waar het over ging, maar ik was behoorlijk onrustig en herhaalde (als ik me het goed herinner) vaak dezelfde opmerkingen en vragen. Op een gegeven moment deelde een verpleegkundige me mede dat ik te ver ging en weg moest gaan, want er waren “duidelijke afspraken”. De volgende dag heeft ze met mij de afspraak gemaakt dat ik me alleen tot één verpleegkundige mocht richten om een afspraak te maken voor een gesprek, in plaats van steeds bij kantoor te komen en constant in herhaling te vallen en onrustig te worden als ik geen (duidelijk) antwoord kreeg. Daar kan ik me in vinden: ik heb de neiging vaak dezelfde dingen te herhalen als ik onrustig ben, en als ik het dan voor mijn gevoel niet kan afronden, blijf ik erop doorgaan. Misschien bedoelde ze dat, maar die afspraak was toen nog niet gemaakt – in ieder geval niet met mij -, en haar mededeling was allerminst duidelijk.
Soms komt het me voor alsof duidelijke afspraken maken voor verpleegkundigen zoiets is als grenzen stellen. Op zich is dat natuurlijk het doel van de afspraken: het beheersen van problematisch gedrag van de patiënt. Maar het is niet hetzelfde. Een soortgelijke situatie had ik ongeveer een jaar geleden op het trainingshuis. Ik had (en heb nog steeds, maar minder) de neiging om erg veel tijd van begeleiders te claimen, omdat ik in mijn hoofd een onderwerp niet goed kon afsluiten. Dit veroorzaakte natuurlijk een probleem, omdat andere cliënten ook aandacht verdienen en de begeleiding ook nog moet rapporteren. Toen ik het hierover had met mijn persoonlijk begeleider en mijn SPV’er (sociaal psychiatrisch verpleegkundige), deelde mijn begeleider mede dat ze er grenzen aan moesten stellen. De tijd voor ons gesprek was bijna om, dus het bleef bij de mededeling en er kwam geen duidelijke afspraak met mij. Op zich begreep ik de noodzaak van grenzen stellen in dit geval, maar op deze manier had ik geen idee hoe ik binnen de grenzen ging functioneren: op deze manier kon een begeleider me bij wijze van spreken midden in een zin onderbreken omdat de tijd op was, en dan zou ik misschien juist gaan flippen. Ik stelde dus voor dat we aan het begin van een gesprek zouden afspreken hoeveel tijd er ongeveer voor dit gesprek stond, en dat de begeleider me zou herinneren als de tijd bijna op was, zodat we eventueel een vervolgafspraak konden maken als het nodig was. Vanaf dat moment kon ik me vrij goed aan de tijd houden.
Ik respecteer de grenzen die een verpleegkundige of begeleider stelt – als ik ze redelijk vind, en daarvan kun je me prima overtuigen -, maar ik moet ook weten hoe ik met mijn mogelijkheden en beperkingen ga functioneren binnen die grenzen. Anders ga ik me toch niet gedragen zoals je wilt, of vervang ik het ene ongewenste gedrag door het andere. Duidelijke afspraken zijn prima om problematisch gedrag zoveel mogelijk te voorkomen, maar een eenzijdige mededeling is geen afspraak een duidelijk is niet hetzelfde als streng.