AWBZ-begeleiding vanaf 2009

Afgelopen week is de meldactie AWBZ van start gegaan. Het meldpunt is geopend naar aanleiding van de bezuinigingen in de AWBZ die per 1 januari 2009 van kracht zijn. Het CIZ is namelijk enkele weken terug gestart met de herkeuring van alle mensen die een indicatie voor begeleiding (zowel ondersteunde als activerende begeleiding) hebben. Ik las pas dat men verwacht dat mogelijk wel 60.000 mensen na de herkeuring helemaal geen begeleiding meer krijgen, terwijl het totaal aantal mensen dat nu een dergelijke indicatie heeft, hooguit 147.000 bedraagt.

Ikzelf fok me de laatste tijd weer behoorlijk op over mijn eigen indicatie. Waarschijnlijk hoef ik niet herkeurd te worden, omdat mijn indicatie in 2009 afloopt. Eind december pas, dus als ik de berichten goed begrijp, heb ik daarmee nog geluk, dat ik zo lang als mogelijk is onder de oude wetgeving val. Ik zou niet weten wat ik kan verwachten van mijn herkeuring. Voor een deel komt dat natuurlijk doordat ik nog in resocialisatie ben, en het best zou kunnen dat ik ook zonder wetswijziging met minder zorg toe zou kunnen. Dat weet ik nog niet. Maar buiten dat hangt het er natuurlijk vanaf op welke grond ik begeleiding krijg en of die grond na de wetswijziging nog bestaat. Gronden waarvoor geen aanspraak meer bestaat op begeleiding, zijn:


  • Persoonlijke verzorging: ik vraag me af of dit is omdat dit zijn eigen AWBZ-functie is, of omdat mensen die gestimuleerd moeten worden om zichzelf te verzorgen, maar gewoon moeten blijven stinken.
  • Hulp in de huishouding, waaronder niet alleen schoonmaakwerk valt (wat al in de Wmo is ondergebracht), maar ook zorg voor de maaltijden en kleding. Vraag me af hoe Jet Bussemaker dacht dat mensen die hier niet of moeilijk zelf voor kunnen zorgen, zoals ik, dit opgelost krijgen.
  • Maatschappelijk leven, waar alles onder valt wat buitenshuis gebeurt. De smoes om dit door te voeren zal wel zijn dat zogenaamd veel gehandicapten hun dure begeleiders inschakelen om “leuke” activiteiten met ze te ondernemen, of die ene transseksueel die Bussemaker kent, die zijn zorggeld gebruikte voor een cursus om een partner te vinden. De consequentie is natuurlijk dat mensen met een handicap die niet zelf hun dag kunnen invullen en/of geen vrienden hebben, op last van de staat de hele dag mogen bankzitten.
  • Psychisch welbevinden. Men bedoelt dat depressie, angst of eenzaamheid geen reden meer zijn voor begeleiding. Ik vind dit een hele rare: alsof deprssie en angst niet serieus zijn! Nou ja, preventieve cursussen zoals “In de put, uit de put” vallen tegenwoordig onder de basisverzekering, en ik neem aan dat een deel van dergelijke hulp ook vanuit de Wmo gefinancierd wordt (Algemeen Maatschappelijk Werk en dergelijke). Ik kan me er wel iets bij voorstellen dat mensen die alleen maar eenzaam zijn, niet zo nodig naar bijvoorbeeld dagverzorging hoeven, omdat ze ook bij goedkopere activiteiten voor bijvoorbeeld senioren terecht kunnen (ouderenwelzijnswerk etc.). Maar gebrek aan “psychisch welbevinden” kan in combinatie met andere factoren wel degelijk zorgen voor serieuze problemen waar een buurthuis of vrijwilliger geen oplossing voor biedt. Ik ben zelf opgenomen met een probleem dat in deze categorie valt (mijn etiket was destijds “aanpassingsstoornis” of zo), maar ik geloof er geen barst van dat ik langer dan een paar dagen was opgenomen, zelfs in 2007, als ik alleen maar geen “psychisch welbevinden” had. Natuurlijk zou je dan zeggen dat er dan heus nog wel serieuze gronden zouden zijn geweest (ik ben immers opgenomen vanwege gevaarlijk gedrag), maar dit hele vage verhaal houdt geen rekening met de relatie tussen deze factoren: stel dat ik minder zorg zou krijgen dan ik nodig heb (we weten het niet, vooralsnog is het pas in december en ik weet nog niet eens waar ik dan ben), dan is dat waarschijlijk een irrelevant probleem van “psychisch welbevinden” zolang ik niet doordraai. Mijn begeleidster zei vanmorgen al dat een arts haar eens had gezegd om het maar te laten escaleren, zodat het CIZ zou zien hoe beroerd het ging met haar onvoldoende-geïndiceerde cliënt. Been there, done that: ik hoef dat geen tweede keer.

Gronden die nog wel tellen, zijn:

  • Sociale redzaamheid. Om de één of andere rare reden wordt dit op de website van VWS uitgelegd als “regie over het eigen leven kunnen voeren”. Mij doet die omschrijving altijd denken aan iets wat met wilsbekwaamheid samenhangt, maar sociale redzaamheid begrijp ik als het kunnen omgaan met noodzakelijke instanties, financiën, zelfstandig naar de dokter kunnen, etc.
  • Probleemgedrag (agressief of dwangmatig, aldus VWS).
  • Beperkingen in het voortbewegen. Die vind ik vaag: bedoelt men dat je een begeleider kunt inhuren om je rolstoel te duwen – dat lijkt me nog eens geldverspilling! -, of wordt het als grondslag gebruikt om bijvoorbeeld mobiliteitstrainers en ergotherapeuten, die mensen leren omgaan met hulpmiddelen, te betalen, of nog iets anders? Ik snap het eigenlijk niet, want juist sinds ergens in 2008 kunnen mensen met alleen een lichamelijke handicap helemaal geen ondersteunende begeleiding krijgen.
  • Beperkingen in de waarneming, concentratie en/of het denken. Hmmm, geen flauw idee wat men daaronder verstaat: het zal wel een reden zijn om psychiatrische patiënten AWBZ-zorg te kunnen verlenen, maar bepaalt transparant is dit niet.
  • Beperkingen in de oriëntatie en/of het geheugen. Dmentie, dus? Geen idee.

Nou ja, laat ik het er maar op houden dat het een bezuinigingsmaatregel is en iedereen dus minder zorg krijgt. Bullshit natuurlijk, wat VWS schrijft, dat de begeleiding van mensen die het niet echt nodig hebben, voor 2009 ten koste ging van de mensen voor wie de AWBZ is bedoeld: ik durf te wedden dat zelfs de mensen voor wie de AWBZ al tientallen jaren is bedoeld, erop achteruitgaan.

Geef een reactie

Separeercel vaak langdurig gebruikt

Nova heeft de hand weten te leggen op gegevens waaruit blijkt dat separeercellen vaak langdurig worden gebruikt. Meer dan honderdvijftig mensen zouden in de afgelopen vijf jaar langer dan een jaar in een separeercel of afzonderkamer zijn opgesloten, en een vergelijkbaar aantal zou ieder jaar langer dan drie maanden geïsoleerd zijn. Het is schokkend dat zoiets überhaupt mag, terwijl vrij algemeen bekend is dat zelfs redelijk kortdurende separatie vooral geestelijke gezondheidsrisico’s heeft. De VVD eist een onderzoek. Alleen jammer voor die partij dat de conclusie waarschijnlijk zal zijn dat de veelvuldige separaties grotendeels door personeelsgebrek veroorzaakt worden.

Geef een reactie

Zorgverlenrs moeten zorgplan voortaan met cliënt bespreken

Zorgverleners in de langdurende zorg moeten binnenkort zorgplannen altijd eerst met de cliënt bespreken. Dit lijkt mij logisch met het oog op inspraak en informed consent, maar gebeurt lang niet altijd. Helaas vrees ik dat er door dit besluit niets zal veranderen aan de waarde (of beter, het gebrek daaraan) wat door zorgaanbieders aan zorgplannen wordt gehecht. Op het trainingshuis waar ik heb gewoond, werd er alleen een zorgplan gemaakt, als er een nieuwe indicatie nodig was, en maakte het mijn begeleiders niet uit dat mijn eerste zorgplan – geschreven zeven maanden nadat ik er was komen wonen – vol fouten zat. Blijkbaar kregen we niet te weinig geld op basis van dit zorgplan – de fouten overschatten mij nogal -, en niemand gebruikte het zorgplan tegen of voor me. Ik weet echter niet wat er gebeurt als de indicatieorganisaties, met het besluit in de hand, ervanuit gaan dat zorgplannen nu meer kracht hebben, maar de mentaliteit dat zorgplannen er eigenlijk niet zo toe doen, bij zorgverleners niet verandert.

Geef een reactie

De cactus en de ergotherapeut

Vandaag is de ergotherapeut van blindeninstelling Sensis langs geweest. Ik fokte me er van tevoren enorm over op, omdat de verpleging enorm hooggespannen verwachtingen van haar leek te hebben. Hoewel ik gelukkig nu wel al wat therapieonderdelen heb, heb ik namelijk op de afdeling nog bar weinig te doen, en zei de verpleging iedere keer als ik iets nog niet kon: “Maar binnenkort komt die ergotherapeut van Sensis, en die gaat ons leren hoe we jou kunnen helpen deze vaardigheden te leren.” Nou, het eerste doel is anders gericht op oriëntatie en mobiliteit, niet op huishoudelijke vaardigheden, en ik kan trouwens je zelf ook wel vertellen dat koffie zetten best non-visueel kan. Alleen niet voor vijftien man, want onze koffiepot is veel te zwaar om te tillen zonder mijn coördinatie te verliezen bij het overschenken in de (toch al niet heel handige) thermoskannen.

Helaas gebeurde bijna het omgekeerde van wat ik had gevreesd: de ergotherapeut hield een enorm verhaal over alles wat zo logisch is als je het niet kan zien, en stelde aan mijn zorgcoördinator voor een keer een voorlichting, compleet met simulatiebrillen, te komen geven. Het team is helaas gruwelijk enthousiast. Ik niet: ik ben veel te bang dat de verpleegkundigen, die misschien eens in de tien jaar een blinde begeleiden, aan de officiële heilige huisjes van wat volgens zienden handig zou zijn voor blinden, te veel waarde hechten. Zo wil men ineens een cactus, die me überhaupt nog niet was opgevallen, verplaatsen van naast één van de buitendeuren, waar het ding niemand kwaad doet, naar God mag weten wat voor sta-in-de-wegplaats, omdat ik er anders wellicht tegenaan zou lopen. De andere grote kamerplant, die naast de boekenkast staat en waar ik iedere keer tegen aanloop, mag gewoon blijven staan. En ineens liep mijn zorgcoördinator vanavond mee met de dagelijkse avondwandeling, die ik met een paar andere patiënten maak. Ze leidde me af met onnodige opmerkingen over de omgeving en leverde steeds commentaar over hoe het het handigst zou zijn mij aanwijzingen te geven, terwijl mijn afdelingsgenoten en ik dat allang hadden uitgevonden. De reden was, bleek later, dat een andere verpleegkundige had gezegd dat het gisteren nogal chaotisch was gegaan. Dat kwam omdat ik gigantisch onrustig was. Pfff, werkelijk waar: ik heb de grootste moeite eenvoudige aanpassingen te krijgen voor problemen die anders echt onoverkomelijk voor me zijn, als die problemen niet (duidelijk) aan mijn blindheid liggen, maar de afdelingscactus moet wijken voor een hypothetische aanvaring met mij.

Reacties (1)

Eindelijk ben ik op reso

En eindelijk is het dan echt waar: sinds gisteren ben ik op reso! Niet dat je je er gelijk iets spectaculairs bij moet voorstellen, maar de stap is gezet. Ik heb gisteren een gesprek gehad met mijn zorgcoördinator, zoals een verpleegkundig contactpersoon hier heet, en heb een vrij goed geslaagde poging gedaan om de weg op de afdeling te leren – buiten gaat nog niet, en mijn ergotherapeut kan pas over drie weken komen voor een eerste afspraak. Verder gebeurt er eigenlijk nog niks boeiends. Schijnt ook niet de bedoeling te zijn, maar ik mag niet hopen dat ze me al te lang laten “wennen”, want dan komen over een paar weken alle taken en activiteiten die bij resocialisatie horen tegelijk op me af.

Geef een reactie

Palliatieve zorg voor verstandelijk gehandicapten

In 2007 bracht de V&VN een brochure uit over palliatieve en terminale zorg aan mensen met een verstandelijke handicap. Belangrijke punten die in de brochure worden aangehaald, zijn:


  • Hoe om te gaan met rouw bij mensen met een verstandelijke beperking: veel verstandelijk gehandicapten laten na hun overlijden mensen achter die zelf ook verstandelijk gehandicapt zijn (bv. medebewoners of collega’s van de dagbesteding). In de brochure wordt uitgelegd hoe begeleiders kunnen helpen bij het rouwproces van deze mensen en de vragen die mensen kunnen hebben. Een voorbeeld dat wordt gegeven is een woonvorm waar binnen korte tijd twee bewoners overlijden na een korte periode in het ziekenhuis. Vervolgens willen sommige medebewoners niet meer naar het ziekenhuis, want ze denken dat je dan dood gaat.
  • Van tevoren bekend worden met de wensen van de cliënt: de samenstellers van de brochure adviseren om een “wensenboek” bij te houden waar de begeleiding in kan bijhouden wat de cliënt aangeeft te willen m.b.t. terminale zorg, dood en uitvaart. In dit hoofdstuk wordt dit nog niet expliciet genoemd, maar uiteraard moet de eventuele mentor of curator ook betrokken worden, aangezien die degene is die beslissingen moet nemen in geval van wilsonbekwaamheid.
  • Alert zijn en adequaat reageren op pijn: mensen met een verandelijke beperking kunnen vaak moeilijk pijn aangeven. Het is dus belangrijk dit vast te stellen door observatie van het gedrag (bv. als de persoon ineens geïrriteerd wordt) en/of fysiologische veranderingen. Voor de pijnbestrijding is het belangrijk rekening te houden met de mdicatie die de persoon eventueel al slikt, en bedacht te zijn op paradoxale reacties vanwege een hersenbeschadiging of fysiologische stoornissen. Dit kan trouwens ook gelden voor mensen met autisme zonder verstandelijke handicap en voor mensen met dementie.
  • Zorgvuldig beslissingen nemen: hierbij gaat het erom te bepalen of de cliënt zelf een redelijke beslissing kan nemen. Niet iedere verstandelijk gehandicapte is immers automatisch wilsonbekwaam. Uitgangspunt is dat iemand wilsbekwaam is totdat het tegendeel blijkt. Artsen zullen dus met de cliënt zelf moeten overleggen over een mogelijke behandeling. Als dit niet mogelijk is, beslist de vertgenwoordiger in plaats van de cliënt. In de brochure wordt een beraadslaging tussen alle betrokken partijen – arts, verpleging, begeleiding en familie – aanbevolen. Als het lastig is om een juiste beslissing te nemen, kan men één van de Consultatiteams Palliatieve Zorg raadplegen.
  • Aandacht hebben voor de (reacties van de) omgeving: het is belangrijk dat familie, medebewoners én professionele zorgverleners adequaat ondersteund worden bij het rouwproces.
  • Goede zorgcoördinatie: hierbij gaat het erom in elke fase – vanaf de diagnose tot na de uitvaart – afspraken te maken met alle betrokkenen over wie welke taken in de zorg op zich neemt. Indien mogelijk wordt de cliënt bij deze afspraken betrokken. Anders is dit de (wettelijk) vertegenwoordiger. Verder valt te denken aan de huisarts, behandelend arts, persoonlijk begeleider en eventueel familie of vrienden.

Achterin de brochure staan verwijzingen naar extra informatie en websites.

* V&VN (2007), Hoe zorg je voor ongeneeslijk zieken met een verstandelijke beperking?: handreiking voor palliatieve zorg

Geef een reactie

Fysiotherapeuten krijgen extra vergoeding in ruil voor reclame

Fysiotherapeuten krijgen een extra vergoeding van zorgverzekeraar Agis in ruil voor reclame. De fysiotherapeuten – ik neem aan niet dezelfde die eraan meewerken – zijn er niet blij mee, maar het schijnt volkomen legaal te zijn. Tja, dit is waar marktwerking toe leidt. Men kan wel streng naar de verzekeraar kijken, maar als de wetgever dit blijkbaar heeft bedoeld, dan moet je niet bij de verzekeringsmaatschappij zijn met klachten – logisch toch, het zijn commerciële bedrijven en die zijn op klanten en dus winst uit -, maar bij de politiek. Agis is van plan binnekort eenzelfde contract aan te bieden aan apothekers – en die verdienden toch al flink bij door bonussen en voordeeltjes van de farmaceutische industrie, zo bleek een tijdje terug uit een uitzending van Radar, en daar reageerden verzekeraars weer op met het voeren van preferentiebeleid. Doorgeschoten macht van zorgverzekeraars? Je kunt het een bedrijf moeilijk kwalijk nemen dat het gebruikmaakt van zijn sterke onderhandelingspositie. Eerder doorgeschoten marktwerking in de zorg, als je het mij vraagt, maar daarvoor moet je bij de Tweede Kamer zijn.

Geef een reactie

Misstanden bij PGB-bemiddelingsbureaus

Vanavond besteedde Radar aandacht aan de wanpraktijken van PGB-bemiddelingsbureaus. Dit zijn bureautjes die het persoonsgebonden budget voor cliënten beheren. Als deze bureaus deel uitmaken van een bedrijf dat ook zelf zorg levert, komt het nogal eens voor dat men veel te hoge kosten declareert voor de zorg die feitelijk geboden wordt. Het bureau dat het meest aan de schandpaal werd genageld, beloofde in de uitzending beterschap, maar het viel me wel op dat men om dit te bereiken een afdeling kwaliteit en een afdeling casemanagement had opgezet, en ik neem aan dat die medewerkers niet voor niets werken. Die vraag stelde de interviewer helaas niet.

In de uitzending was ook een CDA-kamerlid. Verrassend genoeg stelde hij geen verdere bezuinigingen voor als oplossing van dit probleem, al wilde hij wel dat het CIZ en het Zorgkantoor strenger zouden controleren. Het schijnt immers dat zo’n 95% van de indicaties telefonisch wordt verricht (het CIZ ontkent dat, maar het zou mij weinig verbazen, want ikzelf heb pas één keer een indicatiesteller over de vloer gehad), en bij eveneens 95% van de PGB’s het zorgkantoor de verantwoording niet of nauwelijks controleert. De andere voorstellen waren wel goed: het kamerlid wilde dat bemiddelingsbureaus zelf geen zorg meer mogen leveren, en dat budgethouders altijd zelf de beschikking over hun PGB in huis zouden krijgen, ook als zij het beheer willen uitbesteden. Immers, een persoonsgebonden budget was er niet om zorgorganisaties die geen AWBZ-erkenning hebben, te spekken zonder dat de cliënt er tussenkomt. Laten ze dan zorgen dat ze tot de AWBZ worden toegelaten en gewoon zorg in natura bieden.

Geef een reactie

Ik ga misschien nu toch naar reso

Ik moet het eerst zien voor ik het geloof, want acht maanden geleden schreef ik het ook al, maar het lijkt er nou eindelijk op dat ik toch naar de reso ga. Ik had vandaag behandelplan, en maakte het duidelijk genoeg voor de psychiater dat ik daarheen wilde, of de woonvorm in Apeldoorn nou doorgaat of niet. Als het doorgaat, wil ik naar de reso om me te kunnen voorbereiden op de overstap (die ik veel te groot vind vanaf een gesloten afdeling). Dat gaat nog wel lastig worden, want dan moet er een dubbele verstrekkign komen van het CIZ, en de maatschappelijk werker beweert dat er net nieuwe regels zijn dat je niet eens op de wachtlijst voor beschermd wonen mag als je nog in behandeling zit, maar ze zegt dat het alleen voor Nijmegen geldt. Het schijnt een regel van het CIZ te zijn (wel gehoord via RIBW Nijmegen, maar die hebben het niet bedacht), dus dan moet het wel landelijk zijn, maar zij beweert weer eens van niet. Maargoed, dat moet ze dan maandag of zo maar even uitzoeken. Ik moest het Apeldoorn gedoe eigenlijk van haar weer eens “laten bezinken” (volgens mijn vriend is dat je mond houden, maar toen ik dat zei, was ik brutaal), maar ik kan niets meer laten bezinken dan het nu is voordat ik meer informatie heb over de mogelijkheid voor die dubbele verstrekking, wat de reso van plan is (en hoe lang het nog duurt) en hoeveel voorbereidingstijd ik eventueel van RIBW Apeldoorn krijg, etc. Maar hoe dan ook heeft de psych vanochtend toegezegd contact op te nemen met de reso en te melden dat ik klaar ben voor een overplaatsing zodra zij plek voor me hebben. Ik hoop snel iets van de psycholoog daar te horen, zodat er in elk geval een afspraak kan komen met hem (en eventueel mijn verpleegkundig contactpersoon, hij was hier namelijk al achteraan gegaan voordat de boel “uitgesteld” werd). Maar uiteraard geloof ik pas dat het waar is als ik er ben.

Geef een reactie

Mobiliteitstraining, dat kan de RIBW niet zelf!

Het RIBW nog geen minuut zelf aan de lijn gehad, maar een verpleegkundige heeft gisteren eindelijk een medewerker kunnen bereiken. Niets wijzer geworden helaas, behalve dat ik half tot eind februari wordt geacht over te gaan. Oké…? Op de vraag wat moest gebeuren als Visio, de blindeninstelling in Apeldoorn, nog niet geregeld was, kregen we het antwoord dat de begeleiding van het RIBW het dan wel tijdelijk overnam. O ja?!

Het gaat in dit geval – er zijn volgens mij nog tig andere dingen die ik straal vergeten ben -, om het leren van routes in de buurt, zoals naar de bushalte, het winkelcentrum, etc. Wat de medewerker waarschijnlijk bedoelde, is dat de begeleiding wel met mij boodschappen kan doen zolang Visio mij de route naar de supermarkt nog niet heeft geleerd. Ik neem immers niet aan dat ze zo dom is te veronderstellen dat haar medewerkers weten hoe ze routes aan blinden moeten leren – dit is één van de weinige dingen waar je toevallig wel verstand van zaken voor moet hebben om het goed te kunnen doen. Maar oké, dat betekent dan dus dat ik moet hannessen met hulp om boodschappen te doen, de taxi (wie gaat die betalen?) moet nemen naar het station als ik naar mijn vriend wil of hem naar mij moet laten komen, geen andere afspraken kan maken zonder dat er iemand meegaat of de taxi geregeld is (mijn pas van de taxibus daar is allang verlopen en die lui zijn sowieso niet erg punctueel) etc. etc., niet alleen totdat Visio me de routes heeft geleerd, maar ook nog voor de tijd dat ik op een eerste afspraak met een ergotherapeut/mobiliteitstrainer wacht. Niet alleen betekent het dat ik niet even naar de winkel kan gaan als mijn koffie en appels op zijn, bijvoorbeeld, maar ook dat ik überhaupt niet buiten kom. Dat doe ik nu ook nauwelijks – verder dan twintig meter kom ik zelden als ik alleen ga “wandelen” -, maar hier heb ik PMT, hebben de verpleegkundigen soms tijd, en komt mijn vriend twee keer per week (we gaan meestal wandelen, gewoon ook omdat hij dat graag wil hoor). Heel mooi dat mijn RIBW-begeleider met me boodschappen wil doen, maar het is geen reden om laks om te gaan met het regelen van mobiliteitstraining. Ik heb Visio vanmiddag zelf gebeld, want als ik op mijn maatschappelijk werker moet wachten, kan het eeuwen duren. Helaas moet je in de ochtend bellen, want dan zit de afdeling intake aan de telefoon, dus dat wordt weer morgen. Pfff, weer een dag verspild, en ik heb maar zo weinig tijd…

Geef een reactie

Oudere berichten »